Om alle inhoud te kunnen zien hebt u de actuele versie van Adobe Flash Player nodig.

Startpagina Rob van Veen Prikbord Prikbord 01 Prikbord 02 Prikbord 03 Prikbord 04 Prikbord 05 Prikbord 06 Boek belicht okt 11 Lezersforum Index Index A - F 01 Index A - F 02 Index G - K Index G - K 01 Index L - Q Index R - Z Index R - Z 01 Fictie Fictie 01 Fictie 02 Fictie 03 Fictie 04 Fictie 05 Fictie 06 Fictie 07 Fictie 08 Fictie 09 Fictie 10 Fictie 11 Fictie 12 Fictie 13 Fictie 14 Fictie 15 Fictie 16 Fictie 17 Fictie 18 Fictie 19 Fictie 20 Fictie 21 Fictie 22 Fictie 23 Fictie 24 Fictie 25 Fictie 26 Fictie 27 Fictie 28 Fictie 29 Fictie 30 Fictie 31 

Fictie 05

Zohra Zarouali - Amel, een Marokkaans meisje in Nederland(Van Holkema & Warendorf, Houten, 1989)Amel, een zeventienjarige Marokkaans meisje dat in Nederland opgroeit, heeft het thuis niet makkelijk. Haar vader slaat en vernedert haar. Op steun van haar moeder hoeft ze niet te rekenen. Haar ouders verwijten haar dat ze zich te veel als een Nederlandse gedraagt. Amel echter, voelt zichzelf in de eerste plaats een Marokkaanse. Dat blijkt vooral wanneer ze verliefd wordt op Johnny, een Nederlandse jongen. Haar ware gevoelens voor hem durft ze niet te tonen. Op een dag hoort Amel dat haar vader haar wil uithuwelijken. Terwijl ze zich in Rotterdam voorbereidt op het verlovingsfeest met Yassine knaagt haar geweten. Ze houdt van Johnny, maar een toekomst met hem lijkt onmogelijk. Om aan het huwelijk met Yassine te ontkomen, gaat Amel in op het voorstel van tante Aicha te trouwen met haar neef Faisel.Het centrale thema van het boek is de problematiek van een zogenaamde tweede generatie - jongere. In de persoon van Amel maken we kennis met een Marokkaans meisje dat in Nederland opgroeit. Haar ouders vinden dat zij haar afkomst vergeet, terwijl Amel zich toch in de eerste plaats een Marokkaanse voelt. De schrijfster gaat verder in op onderwerpen als verliefdheid en uithuwelijken.Ten onrechte wordt wel eens gesteld dat de roman een autobiografie is: Amel zou in werkelijkheid Zohra zelf zijn, die vertelt over haar leven en ervaringen als Marokkaanse in Nederland. Dat is onjuist: de personages en de gebeurtenissen zijn door de schrijfster geheel verzonnen. Dat neemt niet weg dat het verhaal een flinke dosis realiteit bevat. Inmiddels wordt erkend dat de problemen van de tweede (en derde) generatie buitenlanders niet onderschat moeten worden. Vooral in de grote steden maken we mee hoe buitenlandse jonge-ren die leven in twee culturen, sneller uitvallen op school en in toenemende mate gedrags- en aanpassingsproblemen vertonen.Het verhaal wordt verteld door de ik-persoon, de zeventienjarige Amel. Ze voelt zich niet begrepen door haar ouders, die er behoorlijk ouderwetse opvattingen op nahouden.Vaak zie ik er tegenop om naar huis te gaan. Eigenlijk ben ik overal liever dan thuis. Ik heb moeilijkheden met mijn vader en mijn moeder. Ze vinden me vernederlandst. Misschien hebben ze gelijk, maar wat dan nog? Ik doe niks verkeerds; ik heb niet eens ooit een vriendje gehad. (p. 5)De relatie met haar ouders is dusdanig verstoord, dat Amel niets met hen bespreekt. Als haar vriendin Esmeralda voorstelt te winkelen in de stad, gaat ze stiekem. Ook over haar contacten met Johnny zwijgt ze in alle talen. Ze neemt alleen Tima, haar oudere zus, in vertrouwen. Overigens durft ook Tima niet vrijuit te spreken: ze gaat in het geheim om met Mario, een jongen van Italiaanse afkomst, en overweegt zelfs van huis weg te lopen.In tegenstelling tot Tima, haar oudere zus, wil Amel zich als een Marokkaanse gedragen. Ze draagt zo nu en dan Marokkaanse kleren, ze spreekt Marokkaans en gebruikt zelden make-up. Tima besteedt veel meer aandacht aan haar uiterlijk en gaat modieus gekleed, volgens westerse normen. Ze gedraagt zich vrijer en ze stort zich zonder bedenken, samen met haar nichtjes, in het Rotterdamse uitgaansleven. Amel echter blijft thuis en houdt haar tante gezel-schap, vooral ook omdat ze vindt dat het niet past als meisje uit te gaan.Innerlijk, in haar gevoelsleven, zijn er sterke aanwijzingen voor het feit dat Amel zichzelf in de eerste plaats een Marokkaanse vindt. Met name in de beschrijving van haar relatie met de Nederlander Johnny wordt duidelijk dat Amel haar afkomst niet kan vergeten. Ze vindt Johnny meer dan leuk, maar wil dit niet toegeven. In eerste instantie voelt ze zich schuldig over de omgang met hem:Hier zit ik op de kamer van een vreemde jongen. Dat hoort niet, volgens onze cultuur. Ik voel me schuldig over dit stiekeme gedoe. (...) Voor Marokkaanse begrippen ben ik een slecht meisje. En toch ... Wat doe ik nou verkeerd? Ik rook niet, ik drink niet, ik ga nooit uit. Wat ik met Johnny heb kun je geen verkering noemen. Daar zal Allah me vast niet voor straffen. Hij weet toch dat ik ook maar een mens ben, met goede en met slechte eigenschappen! (p. 14/32)Gaandeweg het verhaal weet Amel zich steeds minder raad met haar houding tegenover Johnny. De jongen laat niet na voortdurend te herhalen dat hij van haar houdt. Amel echter hinkt op twee gedachten: ook zij is verliefd, maar ze wil het niet toegeven.We zijn te verschillend. Ik heb andere gewoonten, ik denk anders. Ik ben een moslim. Als ik door zou gaan met Johnny, zou ik er alleen pijn en verdriet door hebben. (p. 41)Uiteindelijk kan Amel zich niet langer inhouden en ze bekent dat ze ook van hem houdt. Toch ziet ze geen heil in een relatie en dat laat ze Johnny weten.De conclusie is dat Amel haar Marokkaanse achtergrond laat prevaleren boven haar verliefdheid op Johnny.Het idee te trouwen met Faisel, een neef, wordt haar ingegeven door haar tante. Daarmee ontsnapt Amel aan een huwelijk met Yassine, maar haar gevoelens voor Johnny worden er niet minder door:Mijn ouders stemden direct toe in een huwelijk met Faisel. Mijn moeder was dolblij. Ze houden van Faisel, net als ik. Maar ik houd meer van Johnny. (p. 116)In een afscheidsbrief aan Johnny motiveert ze haar keuze voor Faisel als volgt:Zoals je hebt kunnen zien ben ik nu getrouwd. Niet met Yassine, maar met mijn neef Faisel. Hij is heel lief en toch voel ik me ongelukkig. Maar dit is mijn lot nu eenmaal. (p. 120)Voor Johnny zal deze verklaring erg mager zijn. De lezer echter begrijpt dat het huwelijk met Faisel een logische daad is: Amel heeft definitief gekozen voor haar Marokkaanse afkomst.Zoals gezegd kan Amel het slecht vinden met haar ouders. Haar vader slaat en vernedert haar. Toch verbetert de verhouding met vooral haar vader zich in de loop van het verhaal. Vreemd genoeg ligt zijn nadrukkelijke wens zijn dochter uit te huwelijken aan een wildvreemde hieraan ten grondslag. Eerst haat Amel hem hierom: 'Ik kijk hem aan door mijn tranen heen. God, wat haat ik die man!' (p. 62)Dan wordt duidelijk dat hij haar niet wil weggeven tegen haar wil. Op dat moment herziet Amel haar oordeel: 'Op dit moment hou ik van mijn vader en weet ik heel zeker dat hij ook van ons houdt, ondanks zijn strengheid. Nee, misschien is zijn strengheid juist het bewijs van zijn liefde.' (p. 64)Vanaf deze gebeurtenis verandert de toon waarop Amel spreekt over haar vader: die is ineens veel positiever. Toch durft ze hem niet te bekennen dat ze een huwelijk met Yassine eigenlijk niet ziet zitten:Kon ik maar gewoon tegen mijn vader zeggen: Pa, ik hou niet van Yassine, ik wil bij Johnny zijn. Of is het toch beter om weg te lopen? Daar ben ik niet dapper genoeg voor, zo goed ken ik mezelf wel. (p. 81)Door in te gaan op het aanzoek van Faisel bereikt ze dat haar vader zijn plannen over de uithuwelijking laat varen. Bovendien houdt ze haar ouders te vriend: zij beschouwen Faisel immers als de ideale schoonzoon.De titel van het boek heeft een diepere betekenis. Amel, de naam van de hoofdpersoon, betekent letterlijk hoop. De schrijfster hoopt dat de tweede generatie een beter leven krijgt met meer kansen. Dat is een belangrijke reden waarom zij dit boek geschreven heeft.De gebeurtenissen worden verteld door Amel, de ik-persoon. Nergens in het boek geeft de schrijfster de gedachten weer van de overige verhaalfiguren of komen we er achter hoe die zich voelen. Als lezer maak je het verhaal dus geheel mee vanuit de belevingswereld van Amel en leer je alleen haar innerlijk kennen. Van de overige verhaalfiguren blijken hun gedachten en gevoelens enkel uit wat ze zeggen en doen.Het taalgebruik is eenvoudig en de zinnen zijn niet te lang. Daardoor is het boek beslist toegankelijk voor leerlingen in het (i)vbo, vanaf het derde leerjaar (15 jaar en ouder). Maar natuurlijk kan het ook opgenomen worden in de leeslijsten voor mavo, havo en vwo. De thematiek is herkenbaar voor buitenlandse jongeren. Dat neemt niet weg dat ook Nederlandse lezers geboeid zullen zijn door dit verhaal, mede dankzij de vlot geschreven, herkenbare dialogen en de behandeling van een onderwerp als verliefdheid.De schrijfster gebruikt regelmatig woorden uit de Marokkaanse taal en dat komt de sfeer aan het verhaal ten goede.Het boek heeft een gesloten einde: Amel heeft een keuze gemaakt voor haar Marokkaanse afkomst en neemt in een afscheidsbrief definitief afstand van Johnny:Johnny is nu verleden tijd. Ik prent mezelf in dat ik moet proberen gelukkig te worden. En het is mijn taak om Faisel gelukkig te maken, want dat heeft hij verdiend. (p. 121)De citaten in deze paragraaf zijn afkomstig uit de derde druk van Amel, een Marokkaans meisje in Nederland (Van Holkema & Warendorf, Houten, 1989)

Fictie

Alison Leslie Gold - Anne Frank mijn beste vriendin(Kluitman, 2000)De geschiedenis begint op 7 juli 1942. Nederland is bezet door de Duitsers en vooral de joden in ons land hebben het moeilijk. Een reeks van anti-joodse maatregelen maakt het voor de joodse bevolking bijna onmogelijk nog een normaal leven te lijden.Inmiddels hebben alle joden een zespuntige ster op hun kleding genaaid. Hannah Goslar is dertien jaar oud. Met haar ouders en zusje Gabi (geboren in 1940, nadat de Duitsers Nederland bezetten) woont ze in Amsterdam aan de Zuider Amstellaan. Tot haar vierde jaar had ze in Frankfurt gewoond. Toen de nazi's in Duitsland aan de macht kwamen, was de familie Goslar, evenals de familie Frank, uitgeweken naar Nederland. Tot voor kort was Hannah's vader werkzaam geweest als econoom. Maar nu de nazi's het ook in Holland voor het zeggen hebben, is hij uit zijn ambt ontzet. Om die reden was het gezin verhuisd van het Merwedeplein naar een goedkopere woning niet ver van hun vorige huis waar ze meer dan vier jaar de buren waren geweest van de familie Frank.Hannah besluit haar vriendin Anne op te zoeken. Onderweg ontmoet ze hun gemeenschappe-lijke vriendin Jacque. Aangekomen op het adres van de familie Frank horen de meisjes van de heer Goldschmidt, een vrijgezelle huurder, dat de familie is vertrokken naar Zwitserland. Hannah snapt niet waarom Anne geen afscheid heeft genomen. In het huis ligt en staat vrijwel alles nog op zijn plaats. Annes plakboeken met ansichtkaarten van filmsterren en haar dagboek met het roodgeruite omslag zijn van haar kamer verdwenen.Als Hannah thuiskomt, wordt ze opgewacht door haar vriend Alfred Bloch. De zestienjarige neef van een rabbijn is ten einde raad. De Duitsers hebben hem opgeroepen zich te melden voor dwangarbeid. De twee spreken af dat ze elkaar na de oorlog weer zullen ontmoeten.De bijeenkomsten van de pingpongclub de Kleine Beer Min Twee Club, (genoemd naar de Kleine Beer die uit zeven sterren bestaat, terwijl de club maar vijf leden telt: Anne Frank, Sanne Ledermann, Ilse Wagner, Jacque en Hannah) zijn zonder Anne somber en tam.De situatie wordt voor de joden ernstiger. Bij razzia's worden in de oude Jodenbuurt honderden mensen opgepakt. Meneer Goslar volgt in Het Joodse Weekblad welke nieuwe anti-joodse verordeningen er telkens bij komen. Het voedsel komt op rantsoen en omdat joden alleen nog tussen drie en vijf uur boodschappen mogen doen, wordt het voor hen moeilijk nog een fatsoenlijk maal bijeen te schrapen.Aan het eind van de zomer beginnen de Duitsers overal in Amsterdam razzia's te houden, ook in de wijk waar de Goslars wonen. Sommige joodse mensen besluiten onder te duiken. De heer Goslar weet Paraguayaanse paspoorten voor hem en zijn familieleden te bemachtigen. Bovendien krijgt hij een document waaruit blijkt dat hij, dankzij zijn hoge positie destijds in Duitsland, bovenaan de lijst is geplaatst van mensen die uitgewisseld kunnen worden en die dan in het Heilige Land Palestina mogen gaan wonen.De herfst breekt aan en in de klassen op school ontstaan steeds meer lege plekken. Van Alfred heeft Hannah niets meer vernomen.Eind oktober sterft Hannah's moeder in het kraambed. Ook het kind sterft. Niet alleen de leerlingen van Hannah's school verdwijnen, ook meneer Presser, de leraar geschiedenis, keert op een ochtend in november niet terug. Irma, een meisje dat bij de familie Goslar logeert, wordt bij een razzia opgepakt en mag in tegenstelling tot de Goslars niet meer naar huis gaan.Op 20 juni van het jaar 1943 worden Hannah en haar familie op transport gezet naar het doorgangskamp Westerbork in Drenthe. Ze mogen maximaal twintig kilo bagage meenemen. Bij aankomst in het kamp worden Hannah en Gabi gescheiden van hun vader, opa en oma. Hannah geeft zich vrijwillig op voor het schoonmaken van de toiletten. Zo is ze in de buurt van de mannenbarakken en vangt ze zo nu en dan een glimp op van haar vader. Geregeld vinden er vanuit Westerbork transporten plaats naar de kampen in Auschwitz, Sobibor of Bergen-Belsen. De familie Goslar blijft dankzij de speciale papieren van Hannah's vader Goslar voorlopig buiten schot.Na twee weken wordt Gabi ernstig ziek. Ze wordt geopereerd en Hannah ontmoet haar vader en grootouders dagelijks in de ziekenbarak.Op een dag ontmoet Hannah haar vriendin Sanne Ledermann in Westerbork. In november worden Sanne en haar ouders naar Auschwitz gestuurd. Diezelfde maand sterft Hannah's opa aan een hartaanval.In februari 1944 wordt de familie Goslar naar Bergen-Belsen gebracht. Volgens Hannah's vader is dat goed nieuws, omdat zij, dankzij hun speciale papieren, nu belanden in een uitwisselingskamp. De nazi's zouden hen kunnen uitwisselen tegen Duitse soldaten die krijgsgevangen zijn gemaakt door de geallieerden.In Bergen-Belsen worden ze ondergebracht in het Alballa-Lager, een afdeling waar de gevangenen bepaalde privileges genieten. Hannah krijgt de zorg over Gabi. Haar zusjes toe-stand verslechtert, mede door het slechte en weinige eten. Hannah belandt met geelzucht in de ziekenbarak. Een zekere mevrouw Abrahams ontfermt zich liefdevol over Gabi. Niet lang nadat Hannah genezen is verklaard, wordt meneer Goslar naar de ziekenbarak gestuurd. Hannah's oma mag in juli 1944 vertrekken uit het kamp, maar ze weigert. Ze wil haar familie niet in de steek laten.In november 1944 stroomt het Alballa-Lager door de komst van nieuwe transporten verder vol. In sommige bedden slapen wel drie mensen. Het gerucht gaat dat in het nabijgelegen kamp achter prikkeldraad, afgedekt met stro, Poolse gevangenen zijn ondergebracht. Hannah ontdekt dat zich onder hen ook Nederlandse vrouwen bevinden.Begin 1945 wordt meneer Goslar zieker. In februari komt Hannah in het kamp toevallig in contact met mevrouw Pels. Haar man werkte voorheen op het kantoor van de heer Frank. Mevrouw Pels bevindt zich aan de andere zijde van het prikkeldraad en de twee praten zonder elkaar te zien. Het blijkt dat Anne ook in het kamp aanwezig is!Hannah hoort dat de familie Frank al die tijd was ondergedoken in het kantoor van meneer Frank aan de Prinsengracht en dus nooit in Zwitserland is geweest. Miep Gies, een goede vriendin, had hen samen met enkele collega's verzorgd.Van Anne hoort Hannah dat in juni 1944 de geallieerden in Normandië zijn geland. De Duitsers zouden langzaam maar zeker worden teruggedrongen. Via Westerbork was de familie Frank in Auschwitz gekomen. Meneer en mevrouw Frank moesten daar achterblijven. Anne en haar zus Margot waren vervolgens op transport naar Bergen-Belsen gezet. Margot is heel erg ziek.Hannah besluit met gevaar voor eigen leven voedsel te smokkelen naar Anne. Ze spaart levensmiddelen op uit de pakjes die worden uitgedeeld door het Rode Kruis en ze krijgt ook iets van haar medegevangenen.De eerste keer gaat het voedsel verloren. Een vreemde vrouw krijgt het pakketje te pakken en gaat ermee vandoor. De tweede keer komt het voedsel wel aan. Het is de laatste keer dat Hannah Annes stem hoort.Op 25 februari 1945, de dag dat Hannah en haar familie menen te worden uitgewisseld, sterft meneer Goslar. Hannah wordt weer ziek. Ze heeft buiktyfus. Mede dankzij de goede zorgen van mevrouw Abrahams blijft ze op de been.Begin april krijgen alle gevangenen het bevel zich klaar te maken voor transport naar Theresienstadt. Tijdens de treinreis die enkele dagen duurt, wordt de trein beschoten door geallieerde vliegtuigen. Als ze door Berlijn rijden, is duidelijk te zien hoe de stad is platgebombardeerd. Daarna rijdt de trein nog tien dagen door. Onderweg geven de soldaten toestemming aan de reizigers voedsel te halen bij de boerderijen.Uiteindelijk geven de Duitsers zich over en met hulp van Russische soldaten worden Gabi en Hannah vanuit Tröbik-Brandenburg op een trein van het Rode Kruis gezet, richting Nederland. Hannah wordt opgenomen in een ziekenhuis in Maastricht. Gabi reist verder met een bevriende mevrouw Heilbut naar Amsterdam.In het ziekenhuis krijgt Hannah geregeld bezoek van meneer Frank. Hij is de enige overlevende van zijn familie. In september wordt Hannah, nog altijd ziek, overgebracht naar het joodse verpleegtehuis in Amsterdam. Hannah hoort dat Alfred Bloch was gedeporteerd naar het concentratiekamp Mauthausen en dat er verder nooit meer iemand iets van hem heeft vernomen. Ook Sanne en Ilse zijn overleden.De heer Frank blijft Hannah bezoeken. Samen halen ze vele herinneringen op. Op 5 december 1945 vertrekken Hannah en Gabi naar Zwitserland. Daar zullen ze worden behandeld in een sanatorium. Meneer Frank heeft de opname geregeld. Ze nemen afscheid op het vliegveld. Meneer Frank vertrouwt Hannah toe dat Anne in het achterhuis dikwijls over hun vriend-schap had gesproken. In Hannah's koffer zit het fotoalbum dat buurvrouw Goudsmit had gered, toen de nazi's haar familie arresteerden.Anne Frank mijn beste vriendin (oorspronkelijke titel: Memories of Anne Frank) is gebaseerd op ware gebeurtenissen. Deze aangrijpende geschiedenis verhaalt over de jeugd van Hannah Goslar. In 1933 vluchtte haar joodse familie het land uit. Meneer Goslar had tot die tijd een hoge functie bekleed als perschef bij de Pruisische regering. Toen de jodenvervolgingen door de nazi's in alle hevigheid losbarstten - gelegaliseerd door de machtsovername van Adolf Hitler in 1933 - leek het wijs uit te wijken naar het neutrale Nederland. In Amsterdam sloot Hannah vriendschap met Anne Frank, die eveneens met haar familie uit Duitsland gevlucht was. De kinderen werden buurmeisjes op het Merwedeplein en klasgenootjes op de Montessorischool en op het Joods Lyceum.Gold beschrijft de vriendschap tussen Anne en Hannah (in het dagboek van Anne Hanneli of Lies genoemd) en geeft duidelijkheid over wat er met Anne is gebeurd vanaf het moment dat haar dagboek eindigt. Het grootste deel van de geschiedenis is echter een verslag van de verschrikkelijke dingen die Hannah in de oorlogsjaren meemaakte en in die zin is de titel van het boek enigszins misleidend.In 1993 kwam de inmiddels bejaarde Hannah in contact met de Amerikaanse schrijfster Alison Leslie Gold. Zij kreeg toestemming Hannah's verhaal op papier te zetten:,,De holocaust is te kort geleden om al in de vergetelheid te raken. Ik heb geen andere reden om mijn verhaal te vertellen dan omdat het belangrijk is. Mensen moeten weten wat er met Anne Frank is gebeurd, nadat ze die laatste pagina in haar dagboek heeft geschreven. Dat is mijn enige motivatie.'' (Interview in Margriet.)Gold is erin geslaagd zonder valse sentimenten een ontroerend verhaal te schrijven over een duistere periode in onze geschiedenis die we niet mogen vergeten. In die zin geldt Anne Frank mijn beste vriendin als een waardevol document waarvan feitelijk iedere jongere kennis zou moeten nemen.

Ellen Tijsinger - Magisch kruid(Ploegsma, 2005)Degene die bekend is met leven en werk van de schrijfster Ellen Tijsinger weet dat ze vanuit een diepgewortelde belangstelling voor andere culturen graag en veel reist en daar enthousiast over weet te verhalen. Daarvan getuigen boeken als De zwarte vulkaan, Zonnekind, De olifantenjongen en Aurora, dat zich afspeelt in Nicaragua. In haar nieuwste boek, Magisch kruid, brengt ze ons wederom naar Midden-Amerika, naar de Sutiaba, een indianenstam die leeft in het binnenland van Nicaragua. Daar ontmoeten we opnieuw de gelijknamige hoofdrolspeelster uit Aurora. Het Indiaanse meisje is inmiddels ouder en na haar belevenissen in het vorige deel ook wijzer. In het dorp van Aurora geloven de mensen nog in hekserij en magie. Als ze ziek zijn, gaan ze naar de goede heks Dionisia. Zij geneest de mensen met haar kruiden en rituelen en ze brouwt drankjes tegen liefdesverdriet. Op een dag wervelen er honderden vlinders om Aurora heen. Het is een boodschap van Dionisia. Ze wil dat het meisje bij haar komt wonen, zodat ze haar kracht en kennis aan haar kan overdragen. Niet voor niets is Aurora uitverkoren. Zij is namelijk een bijzonder kind. In het voorafgaande deel lazen we hoe zij op een nacht droomde over haar voorvaderen die tegen haar spraken. Haar moeder legde haar toen de volgende morgen de betekenis van de droom uit. Ze was uitverkoren door de goden om op reis te gaan. Gedurende die reis zouden de voorvaderen hun herinneringen in de vorm van vele legendes aan haar openbaar maken. Aurora kon die dan op haar beurt doorgeven aan haar kinderen en kleinkinderen opdat ze niet verloren gaan en zo de verhalen van de oude Sutiaba levend houden. Aurora is verbijsterd zodra ze van het plan van Dionisia hoort. Moet zij een heks worden? Ze is verliefd op Rico en zodra zijn spaarvarken vol is, willen ze trouwen en kinderen krijgen. Hoe kunnen die voornemens vervuld worden als ze heks wordt? Moet Aurora al haar dromen opzij zetten? Het slot van het verhaal geeft hoop en laat zien dat er wel degelijk een toekomst met Rico en het adoptiekind Dono in het verschiet ligt. Met veel liefde schrijft Tijsinger over het leven van de mensen in Nicaragua, waar magie net zo vanzelfsprekend is als het katholieke geloof. Wederom een intrigerend verhaal waarin de schrijfster laat zien dat niemand in het diepst van zijn wezen slecht is en dat het kwade in ieder mens naar het goede kan worden omgebogen door vriendschap en vertrouwen. Een mooi boek voor leerlingen in de onderbouw van het vmbo.



Eenboekjeopen.nl

over jeugdliteratuur